Katerlasagna

Het is zaterdag en ik heb een kater. Dat komt door dingen die ik misschien anders had moeten aanpakken: zo was het waarschijnlijk niet zo verstandig om het eten over te slaan tijdens de bedrijfsborrel, en had ik wellicht niet zo gretig in de ketel met gin & tonic moeten duiken toen die in mijn gezichtsveld verscheen. Maar gedane zaken nemen geen keer I guess, en spijt is voor mietjes. Het is zaterdag en dan moet je vooruit.

Maar die kater moet weg.

De kaaaaahter….Iedere man ter wereld weet precies waardoor het komt (namelijk uitdroging, gifstoffen, God die je straft voor je bandeloze gedrag) en hoe je er vanaf komt (koffie, geen koffie, liters water, water tussen de biertjes door, geen alcohol drinken, méér alcohol drinken, sprite, tomatensap, niet zeuren, tabasco, vet ontbijt). Zelfs de wetenschap heeft er een paar voorzichtige meninkjes over (namelijk: geen fucking flauw idee. Zoek het maar uit). Maar dat is natuurlijk onzin. De enige remedie die echt werkt, is de mijne. En ik ga die nu uit de doeken doen en ook maken, voor mezelf. En mijn twee hongerige vriendjes hier op de bank. Lucky fuckers.

Het antwoord is namelijk: lasagna. Vette, lompe, hete lasagna. Deze vette lompe beukende lasagna. Het duurt even, maar dan heb je ook wat. Maak je geen zorgen, ik help je wel. Het wordt fantastisch.

Een goeie lasagna bestaat basically uit twee sauzen. Een dikke, romige bechamelsaus, en een volle ragout-achtige tomatensaus. Eigenlijk werkt een lasagna het allerbeste als je het zo simpel mogelijk houdt: tomatensaus van goeie tomaten met alleen maar goed gehakt en wat kruiden, en that’s it. Maar mijn huisgenoten zijn meer van het ‘more is more’- beginsel, en ik ben een peoplepleaser, so what can you do?

Dus voor deze lasagna haal ik (en jij dus ook) in huis:

Boodschappen
Dit, basically. Ongeveer. Give or take een paar courgettes, die komen in dit recept niet voor. Tenzij je wil. Dan wel.

Voor de bechamelsaus:

Boter, een flinke klont. Pakweg een half pakje. Bloem, een flinke hand vol. Kom ik zo nog wel op terug. Een plens melk 1 teentje knoflook Peper Zout

Voor de tomatensaus:

-500 gram goed (biologisch) gehakt. Of meer.
-2 blikken gepelde tomaten. Hoe beter die tomaten, hoe beter je saus. Ik woon in Amsterdam en daar heb je de Marqt, ontzettend hipster, ontzettend makkelijk doelwit voor klagen over hipsters, maar als je klaagt over hipsters ben je zelf een hipster en de Marqt heeft fucking lekkere cherrytomaatjes in blik. Overigens zijn ingeblikte tomaten duizend keer beter dan verse tomaten. Nederland kan geen tomaten kweken. Get over it en vreet je boerenkool.
Eventueel nog 1 of twee blikjes tomatenpuree. Of een hele arm vol. Ze kosten zes cent per stuk en YOLO, toch?
-300g biologische gekruide worstjes.
-2 tot 4 teentjes knoflook, afhankelijk van of je nog moet zoenen met mensen die niet deze lasagna hebben gegeten.
-1/2 tot 3 Spaanse pepers, afhankelijk van of je een pussy bent of niet (ik ga voor 1/2). –bouillonblokjes
-Kruiden: ik varieer altijd een beetje (lees: ik doe maar wat), maar aangezien er worstjes in zitten en worstjes en rozemarijn elkaars beste vriendjes zijn, hou ik het bij rozemarijn.
-Peper en zout. Grof zout trouwens. Niet om een pedante lul te zijn (ik vraag toch niet of je roze himalayazout in huis wil halen?) maar omdat je met dat fijne zout te vaak uitschiet en alles verneukt. En omdat het een fijn gevoel is om zelf je peper en zout te malen. Oh ja, fix trouwens dus ook peper uit een molen, geen voorgemalen peper. Mafkees.
-1 pak lasagnabladen. Niet van die domme groene bullshit met spinazie erin of zo, alsjeblieft.
-Mozzarella voor erbovenop
-Parmezaanse kaas (Grana Padano mag ook. Iets goedkoper, iets minder lekker, maar wel acceptabel. Tip: koop meteen een rasp bij een kookwinkel, want zelf geraspte parmezaan is duizend keer beter (en goedkoper) dan die shit uit zo’n zakje.

Begin met je tomatensaus. En een borrel. Helpt drank tegen een kater? De wetenschap zegt nee, ik zeg ja. Down the hatch ermee.

Tomatensaus, dus. Begin met een klein scheutje olijfolie in een grote pan op hoog vuur, snijd de worstjes in centimeterlange stukjes en gooi ze samen met het gehakt in de pan, en zet dan het vuur wat lager. Hou het een beetje in de gaten en schenk jezelf een borrel in.

Als het vlees een beetje gebruind is, voeg je een paar fijngehakte teentjes knoflook toe en klots je er de twee blikken tomaten in. Verkruimel een bouillonblokje in één van de blikjes, giet er wat kokend water bij en houd dit bij de hand om de saus een klein beetje te verdunnen. Het idee is om de saus een tijd lang op te laten staan zodat hij wat indikt, om ‘m dan weer op de juiste consistentie te brengen met wat van de bouillon. Trust me, dat is een magisch trucje dat je sowieso vanaf nu bij elk van je sauzen moet gaan gebruiken want het maakt echt alles meteen twee punten beter.

VLNR: borrels, knoflookwerkzaamheden, de auteur
VLNR: borrels, knoflookwerkzaamheden, de auteur

Anyway, schenk jezelf nog een borrel in (ik loop er volgens mij al eentje op je voor) en dan kunnen we beginnen aan de belhamel. Belhamel. BECHAMEL. Kutautocorrect. Smelt een klont boter in de pan. Ik doe dit altijd op de gok, maar ik zou zeggen, neem een plak van een centimeter dik. Wacht tot die helemaal gesmolten is, en snijd intussen een teentje knoflook in dunne plakjes. Doe een flinke hand bloem, wat zout en een klein beetje peper erbij en roer het door totdat het een deegachtige substantie is geworden. Giet er dan, met kleine beetjes tegelijk, steeds een beetje melk bij en roer dat in het mengsel, net zolang tot het ongeveer zo dik is als vla.

Als dit klinkt als teveel gedoe, oké. Fair enough. Het alternatief is net iets minder lekker, maar wel veel gemakkelijker: koop gewoon een pakje bechamelpoeder (hebben ze in bijna elke supermarkt bij de italiaanse producten) en een pak melk en doe wat er op het pakje staat.

Nu ben je bij de laatste fase aanbeland. Verwarm de oven voor op 180 graden, giet je glas vol, pak een flinke ovenschaal (het liefste eentje die niet te groot is maar relatief hoog, want hoe meer lagen je kan maken hoe beter) en begin de lasagna in lagen op te bouwen. Begin met een lepel tomatensaus. Leg daar een paar bladen op, en smeer die royaal in met de belhamel. Bechamel. Rasp daar een flinke hoeveelheid parmezaan over, en dan weer een schep tomatensaus, etc, net zolang tot het op is. Leg de mozzarella bovenop, en zet de hele zooi in de voorverwarmde oven. Na ongeveer veertig minuten en drie borrels is de kaas mooi bruin geworden, en is je kater gegarandeerd verdwenen. Hoogste tijd dus voor een schranspartij waar de honden geen brood van lusten. En voor een borrel. Het is altijd tijd voor een borrel.

lasagna
Het resultaat. Open je muil en schuif het naar binnen

Advertenties

Een gedachte over “Katerlasagna

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s